![]() |
Een delegatie Nederlandstelige schepenen uit Brussel werd uitgenodigd door het Vlaams parlement om de knelpunten van hun functie uit te leggen. Het was de allereerste keer dat de schepenen werden uitgenodigd om hun verhaald te doen.
Sinds de Lambermont-akkoorden van 1999 krijgen de Brusselse gemeenten meer geld als ze een Vlaamse schepen aanstellen. Onder meer daardoor zijn de Nederlandstaligen nu vertegenwoordigd in 16 van de 19 Brusselse gemeenten. Alleen Oudergem, Sint-Lambrechts-Woluwe en Vorst hebben nog geen Vlaamse schepen.
Vanuit de instelling van de Vlaamse Gemeenschap zoekt men naar mogelijkheden om de banden met de Brusselse gemeenten nauwer aan te halen. Bedoeling is de gemeenten ertoe aan te zetten een volwaardig beleid te voeren naar de Nederlandstalige inwoners. “Een Vlaamse vertegenwoordiging op het lokale niveau is hiervoor cruciaal, maar onvoldoende,” aldus de sp.a-schepenen Dirk Lagast en Jules Spooren. “De Vlaamse gemeenschap moet ook een daadwerkelijk beleid voeren voor de Brusselse gemeenten.”
Volgens de Vlaamse schepenen is het lokale bestuursniveau een ideale schakel om een Vlaams beleid dichter bij de bevolking te brengen. “De gemeentelijke politici kunnen ervoor zorgen dat de dienstverlening aan de Nederlandstalige inwoners op lokaal vlak gegarandeerd wordt. Daarnaast zijn ze de ideale schakel omdat de lokale realiteit, mogelijkheden en knelpunten kunnen vertalen naar het Vlaamse niveau.”
De Vlaamse volksvertegenwoordigers uit Brussel hebben in elk geval wat opgestoken van de hoorzitting. “De thema’s die aan bod kwamen, waren verrassend breed,” reageerde Elke Roex. “Ik heb dan ook heel wat opgestoken van mijn collega-politici die een functie op het gemeentelijk niveau uitoefenen.”
27/05/2005
|

