Persbericht 29/02/2008

Wie bepaalt de prijzen voor het verblijf in een rusthuis? In de eerste plaats de (federale) minister van economische zaken, al mogen de gemeenschappen de puntjes op de i zetten. Zij bepalen immers wat er in de dagprijs zit vervat en waarvoor een toeslag moet worden betaald. Voor rusthuizen van de Vlaamse en de Franse gemeenschap is dat in regelgeving vastgelegd, maar voor de bicommunautaire Brusselse rusthuizen nog niet. Dat is een lacune. “Rusthuizen moeten een goede dienstverlening bieden,” zegt Elke Roex. “En betaalbaar zijn. In Vlaanderen bepaalt een ministerieel besluit wat deel uitmaakt van de dagprijs van het rusthuis en voor welke diensten een extra vergoeding mag worden aangerekend . Bijvoorbeeld: het gebruik van de kamer zit in de dagprijs maar ook incontinentiemateriaal; individuele telefoonkosten daarentegen worden als extra vergoeding aangerekend. Voor Vlaamse rusthuizen zijn de zaken duidelijk.” De federale overheid en de gemeenschappen werken samen om rusthuizen betaalbaar en toegankelijk te maken en de dagprijzen transparant te houden[1]. De Vlaamse en de Franstalige gemeenschap hebben de aanvullende regels vastgelegd. Alleen de bicommunautaire sector in Brussel blijft achter: er is geen uniforme regeling voor de bicommunautaire Brusselse rusthuizen, die nochtans de grootste groep uitmaken van de Brusselse rusthuizen. “Hoog tijd voor een regelgeving in de bico,” zegt Jan Béghin. “De bico moet bepalen wat in de dagprijs van haar rusthuizen zit en wat niet. Opdat de prijzen van de bicorusthuizen transparant en uniform zouden zijn. Zowel in de Vlaamse als Franse gemeenschap bestaan er al regels. De bico kan er zich gerust door laten inspireren. Want ook de Brusselaars die in een bicorusthuis verblijven, hebben recht op duidelijke prijzen voor opvang en een transparante eindfactuur.” Het debat over prijzen in de bicommunautaire rusthuizen in Brussel loopt momenteel in de commissie Sociale Zaken van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie. Jan Béghin zal tussenkomen in het debat en bepleit bij ministers Smet en Huytebroek dat er daadwerkelijk een regelgeving voor de bico komt.